Het eiland Sicilië wordt niet direct in verband gebracht met wijn. Veel meer met zon en toerisme, met een azuurblauwe Middellandse Zee. En natuurlijk met de maffia, het criminele bedrijf dat dit mooie eiland een wat dubieuze reputatie heeft bezorgd. De gemiddelde Siciliaan is daar niet zo blij mee. Bijna elke bezoeker begint er over, terwijl men er hier in het dagelijks leven niet of nauwelijks iets van merkt. Men is hier juist heel trots op dit bijzondere eiland, dat men zijn zuidelijke ligging iets subtropisch heeft, met wuivende palmen en weidse landschappen. De toerist wordt hier verwend met de vele prachtige oudheidkundige bezienswaardigheden, overblijfselen van een roerige geschiedenis. Het eiland is talloze malen bezet geweest, niet alleen door Grieken en Romeinen, maar zelfs door de Noormannen -niet bepaald van om de hoek.
Een heet klimaat als het Siciliaanse wordt door velen beschouwd als ongeschikt voor de wijnbouw. Het zijn dezelfde kniesoren die denken dat het Californische woestijnklimaat geen mooie wijnen zou kunnen voortbrengen. Met gebruik van de juiste druivenrassen en de keuze van een gunstige plaats is echter veel mogelijk. Sterker nog, dan blijkt dat hier uitstekende wijnen kunnen worden geproduceerd. Wel moet lang worden geknokt om daar de nodige bekendheid aan te geven. Anders dan Noord-Italië heeft men hier geen naam op het gebied van de productie van kwaliteitswijnen, dus is het vechten voor een plaatsje op de wijnmarkt.
|